Geest der tijd, ik zal je doden.
Verpulveren, vermalen, verkruimelen.
Verdeeld zal je zijn over continenten,
periodes, jaren en maanden.
Zelfs dagen uren en minder.

Geest door de wind, ik zal je sturen.
Over gebergte, diepe dalen.
Koninkrijken en verre zeeën.
Temperaturen doen stijgen en dalen,
mens en dier verslinden.
Met hevige rukwinden.
Tyfoons, cyclonen, orkanen.
Tsunami’s worden aangemaand.
De aarde zal niet meer om dezelfde as draaien.
Weg is het gezonde verstand.

Geest door de menigte der mensen, ik zal je vertellen.
Mensheid pas op je tellen.
Jullie hebben macht, de kracht te manifesteren.
Zodra de grote heren het bestuur en bewind laten varen.
niks meer rustige gebaren.
Oorlogen, slechte dagen.

God de man die we aanroepen!
Allah de profeet.
Goden die geen naam hebben.
Bijeen gekomen in troepen.
Verschijnen en zullen verdwijnen.
De wereld verlatend, achterlatend in smart.
na deze dag kleurt alles zwart.

Opgeheven na donkere nachten.
Geduldig zal de mens moeten wachten,
op het nieuwe licht.
Oneindig van ver, voor sommigen al in het zicht.
Licht van het vreemde onbekende,
toch zo vertrouwde omgeving!
Zal ons baden in en nieuw leven.
Onvoorwaardelijk aan de nieuwe mens.

De nieuwe wereld die voor ons is.